Morgenavond stelt Crowd of Chairs zijn debuutplaat ‘Fuck, Fuck, Fuck’ voor in NEST, Gent. Speciaal voor Oorworm kozen ze vijf inspirerende platen. Luister, geniet, dans, schreeuw en beuk mee!

 

“Crowd of Chairs is begonnen als een zijproject. De band heeft geen vertrekpunt en tot op heden geen concreet doel. Deze lijst bestaat uit platen die ons zowel individueel aanzetten om muziek te maken als dit project in zekere mate gestuurd hebben. Het zijn platen die we kapot draaiden in onze prille studentenjaren, ongeveer 10 jaar geleden, maar ook albums die we nog vaak opleggen in de heen- of terugrit van een show”, introduceert bassist Benjamin Caes zijn band.

 

Part chimp – I Am Come (2005)


“We bevinden ons in 2007, we zijn 16 jaar oud. We hebben diepe afkeer voor alle genres en subcultuurtjes in de stad. We hebben ook onvoldoende aan talent om eender welk instrument te spelen en geen ambitie om het deftig te leren. Metal was te technisch, rock voor janetten en punk voor clowns. Part Chimp live zien was een eye-opener. Keihard, mid-tempo en voor ons agressiever dan die drie genres bij elkaar. De intro van I Am Come alleen al was een voldoende shot om ons aan te zetten om lawaai te maken. ‘Zo moeilijk kan dat niet zijn, die kerel kan ook niet zingen’, dachten we. In het nummer Hello Bastards hoor je ‘I am a sonic disease’. Shit, waarom zijn wij daar niet opgekomen?!”

 

 

Lightning bolt – Hypermagic Mountain (2005)

“Ook in 2007 werd ‘Ex-Drummer’ vertoond in de Lumière Cinema in Brugge, waar we alle drie op school zaten. Koen Mortier koos voor 2 Morrow Morrow Land van Lightning Bolt als openingstrack. Een beter nummer voor je in de marginale rush te wanen is er gewoon niet. Zien drinken doet drinken. Een openingstrack bepaalt in grote mate de rest van de sfeer, en ook de rest van ons schooljaar. Shazamen kon nog niet, YouTuben wel. Na dit nummer voelden we ons gedwongen om de rest van de plaat te beluisteren. Sindsdien is het brede werk van Lightning Bolt vast goed geworden in onze platenkasten. Niet veel later zagen we ze in een oud verlaten schoolgebouw aan het Brusselse Noordstation. Ik vermoed dat de tinitus daar begonnen is. Zowel het eigenwijze experimentele karakter van deze band, de snelheid, live performance als de plaatsing in de zaal was voor ons een openbaring om je niet vast te klampen aan traditionele structuren, vormgeving of geluiden.”

 

 

Liars – Drum’s Not Dead (2006)


“Ondertussen wordt duidelijk dat 2007 een belangrijk jaar was. Plaster Casts of Everything, de openingstrack van Liar’s selftitled plaat, was voor ons het vertrekpunt om het brede werk van Liars te ontdekken. Dit heeft ons doen inzien dat je met dynamiek evenveel punch kan bieden als meppen en alles opendraaien. Toch kiezen we voor Drum’s Not Dead, de derde plaat van Liars. Een zeer sferisch, creatief album. Onze eerste aanraking met percussie in plaats van het eerder traditionele gemep op de snare. Het repetitieve karakter, de eigenwijze toch simplistische sound en harmonie van valse stemmen hebben ons doen in zien dat je met alles wegraakt als je er volledig achterstaat.  De evolutie van deze band triggert ons om verder te zoeken. Liars is een band dat diverse uithoeken durft verkennen. Van valse no wave tot dansbare electro. We zijn alle drie snel afgeleid en verveeld. We kunnen onszelf dus in zekere mate herkennen in deze band.”

 

 

Brainbombs – Obey (1996)


“Neen, deze keer geen herinnering uit 2007 maar 2016. Brainbombs keerde terug uit het niets met Souvenirs. Die plaat heeft ons aangezet om kennis te maken met Obey. Het destructieve zit er overal wel wat in. De ene vertaalt dat al wat positiever dan de ander. Maar Brainbombs is slecht tot op het bot. Pure evil. Vals en gemeend. Obey is de perfecte verhouding tussen geluid en attitude als het op het destructieve aankomt. Te goed spelen verhoogt het cockrock gehalte en te veel attitude schetst een theatrale, onnatuurlijk sfeer.  Het is een eeuwige struggle, het is dus best dat we onszelf niet moeten zien spelen. Bij het horen van de vocals was Mitch voor eeuwig gerustgesteld nooit deftig Engels te moeten leren of twee keer na te denken over enig ritme in een tekst. ”

 

 

Yvette – Cuts Me In Half (2013)


“We kunnen ons niet meer herinneren waar we deze band hebben opgepikt, maar ze zijn ons altijd bijgebleven. Misschien omdat ze zoveel raakvlakken hebben met Liars. Dit is precies Drum’s Not Dead vertaald naar de digitale sound van hun voorlaatste plaat Mess. Naast de Vlaamse bommanaam, spreken de spontaniteit en creativiteit ons aan. Samen met de discografie van Liars is de muziek van Yvette een frequent terugkerende soudtrack na een optreden. Hypnotiserend, en toch niet comfortabel genoeg om je er bij neer te leggen. Wie, oh, wie haalt dit duo naar België? Indien zo, willen we wel support doen.”

 

Please follow and like us: